WANNEER DE
AFTELLING
EINDIGT

Hoofdstuk 6
DE VIER RUITERS VAN DE APOCALYPS



WANNEER IS DE AFTELLING naar Wereld Oorlog III begonnen? Als je de ware betekenis van de Vier Ruiters van de Apocalyps begrijpt, dan geeft dat het antwoord op deze vraag.

Maar omdat de ware betekenis van deze Vier Ruiters door zo velen verdraaid en verwrongen werd, is de mensheid blind gebleven voor datgene wat God openbaart over de tijdlijn die leidt tot de laatste oorlog van de mensheid.

Door de eeuwen heen veranderde de betekenis van het woord ‘Apocalyps’. Dat kwam hoofdzakelijk door de verwarring die het traditionele Christendom stichtte door haar vele interpretaties van het Boek Openbaring wat door Johannes geschreven werd. Het woord ‘Apocalyps’ kwam allereerst voor in de Griekse en de Latijnse taal. Johannes gebruikte het Griekse woord ‘apokalyptein’ wanneer hij het boek Openbaring schreef, omdat dit woord ‘ontdekken, ontsluiten, openbaren’ betekende.

Bijna 300 jaar later, toen de Katholieke Kerk de opdracht gaf om de Bijbel in het Latijn te vertalen, begon men het woord ‘Apocalypsis’ te gebruiken wat toen nog ‘openbaring’ betekende.

Nog veel later tijdens de periode van het Middelengels (1066 tot late 15de eeuw) betekende dit woord ‘inzicht of visioen’ en zelfs ‘hallucinatie’.

Medio de 18de eeuw, begon men in geschriften over de betekenis van wat er in het Boek Openbaring geschreven staat, aan dit woord ‘Apocalyps’ de profetische betekenis toe te kennen van ‘catastrofale gebeurtenissen’ en het geloof in een nakend einde van de wereld.

Het traditionele Christendom slaat de voorbije paar decennia de plank helemaal mis en overdrijft schromelijk in haar gebruik van dergelijke terminologie. Haar interpretaties van en ideeën rond dit woord geven er betekenissen aan zoals: de totale vernietiging van de wereld, het einde van de wereld, grote catastrofale verdrukking op aarde voor het uitbreken van Wereld Oorlog III, theorieën over een uiteindelijk Armageddon (de laatste totaal vernietigende oorlog van de mensheid), en nog andere onzinnige interpretaties.

En vanwege dit soort van gebrekkige interpretaties hebben de eerste vier Zegels van Openbaring een aantal van deze verdraaide definities overgenomen wanneer er gesproken wordt over de vier verschillende ruiters die in deze Zegels beschreven worden.

De eerste vier Zegels van Openbaring waarin de vier verschillende ruiters worden beschreven, hebben niets te maken met een hedendaagse ‘Apocalyps’. Dergelijke ‘Apocalyptische’ ideeën over het einde van de wereld zijn vals. Alle beweringen en leringen rondom de ‘Vier Ruiters van de Apocalyps’ zijn klinkklare onzin!

De waarheid is dat datgene wat in de eerste vier Zegels geschreven staat gaat over gebeurtenissen die al lang in Gods Kerk hebben plaatsgevonden - profetische gebeurtenissen die het teken zouden zijn van het begin van een specifieke aftelling in deze huidige eindtijd. En terwijl velen zitten te wachten op de openbaring van deze Vier Ruiters van de Apocalyps, zijn zij er zich niet van bewust dat de gebeurtenissen die zij aankondigen al lang hebben plaatsgevonden.

Teneinde te kunnen begrijpen waar deze eerste vier Zegels echt over gaan, is het nodig dat je eerst wat meer leert over Gods Kerk in deze tijd – een Kerk die de wereld niet kent. Het is belangrijk om te weten wat God in deze eindtijd door middel van deze Kerk allemaal gedaan heeft.



Waarschuwing aan de Wereld

Bijna 70 jaar nu heeft Gods Kerk getracht om de mensen te waarschuwen dat we ons nu in de eindtijd bevinden waarvan doorheen de Bijbel geprofeteerd wordt. Die waarschuwing gaat over nog één wereldoorlog – een kernoorlog. Het gaat over de profetie dat Europa nog één maal de hoofdrol zal spelen in een grote oorlog. Deze waarschuwingen van Gods Kerk begonnen vlak na het einde van Wereld Oorlog II.

Toen men destijds deze waarschuwing hoorde, dat een groep van Europese landen met Duitsland als belangrijkste speler zich zouden verenigen om een derde wereldoorlog te voeren, vonden de meesten dit te gek voor woorden. Dergelijke praatjes leken belachelijk en bespottelijk, met als gevolg dat men dit niet serieus nam. Tenslotte, Duitsland had juist geprobeerd om het hele continent te veroveren onder het motto ‘Deutschland Über Alles!’

En zelf nu, nadat er grote profetische gebeurtenissen hebben plaatsgevonden waarvan Herbert Armstrong uitgelegd had dat zij zouden komen te gebeuren, neemt men de waarschuwingen over deze eindtijd nog steeds niet serieus. Nogmaals, van alle zaken die Herbert Armstrong voorspelde was er maar één gebeurtenis die nog tijdens zijn leven uitkwam, de vorming van de Europese Unie. Maar dat was slechts het begin van alle profetieën die nog zouden komen te gebeuren.

Het duurde tot dertien jaar na zijn dood voordat een groot deel van Europa zich verenigde onder een gemeenschappelijke munteenheid, precies zoals hij gezegd had. Vervolgens werd in 2018 een intentieverklaring ondertekend voor de oprichting van een militaire unie van exact tien landen, nogmaals, precies zoals hij gezegd had.

Gods Kerk heeft nu al meer dan tien jaar haar eindtijd waarschuwingen opgedreven, maar men wil gewoon niet luisteren. Het ligt nu eenmaal in de natuur van de mensheid om alles wat Gods Kerk sinds haar oprichting in 31 na Christus verkondigd heeft, te bespotten en af te wijzen. En als gevolg daarvan zijn de eindtijd gebeurtenissen verborgen gebleven.

Het is moeilijk voor de menselijke geest om te geloven dat er een gezaghebbende bron bestaat die weet wat Gods wil en doel voor de mensheid is. Het is voor gelijk wie moeilijk om te geloven dat Gods ware Kerk door alle eeuwen heen klein gebleven is, terwijl andere organisaties die beweren Christelijk te zijn heel groot geworden zijn. De menselijke natuur is geneigd om te geloven dat hoe groter een kerk is hoe waarschijnlijker het is dat God daardoor werkt.

En het is nog veel moeilijker voor de menselijke geest om de mogelijkheid te geloven dat miljoenen mensen misleid zijn aangaande het traditionele Christendom. Maar dat is exact wat er eeuwenlang gebeurd is.

Dit boek heeft afdoende bewijs gegeven om aan te tonen wat waar is en wat vals is betreffende vele leerstellingen en doctrines over God en Christus. Allen die dit boek volledig doorgelezen hebben staan voor de moeilijke keuze om te beslissen wat zij als waarheid in de armen zullen sluiten, en wat zij als vals zullen verwerpen. Zulke keuzes zijn heel persoonlijk, maar eenieders besluit in deze zal in grote mate bepalen of zij voor Gods aangezicht zullen kunnen komen om Hem om Zijn hulp en bescherming te vragen, wanneer een kernoorlog eenmaal begint.

En dus blijft de vraag: ‘Wie zal er echt naar God luisteren?’ Gods boodschap voor deze eindtijd blijft hetzelfde: ‘Als jij naar Hem wil luisteren, dan zal Hij naar jou zal luisteren’.

De realiteit is echter dat de meeste mensen niet zullen willen luisteren naar wat hier geschreven staat, totdat Wereld Oorlog III begint. Het is triest, maar God heeft geopenbaard dat mensen pas oprecht naar Hem zullen beginnen te luisteren, nadat er wereldwijd enorme verwoesting en sterfte zullen hebben plaatsgevonden.

Het kan vanwege die menselijke natuur behoorlijk zinloos lijken om een boek als dit te schrijven, daar God geopenbaard heeft hoe de mensheid door alle tijden heen op Hem gereageerd heeft tot op vandaag. Maar het is niet zinloos! Want God heeft geopenbaard dat mensen wel naar Hem zullen beginnen luisteren wanneer deze wereld eenmaal in die laatste oorlog gestort wordt.

En dus zal Gods Kerk blijven waarschuwen voor die laatste oorlog die nu op handen is. Naarmate mensen deze catastrofale gebeurtenissen zullen beginnen te ondergaan, zullen steeds meer mensen de waarheid gaan zien. God openbaart dat mensen zich langzaam maar zeker tot Hem zullen keren, en Zijn hulp zullen zoeken, om te ontkomen aan alles wat er rondom hen gebeurt. Zij zullen willen weten wat de waarheid is.

Maar er zullen ook mensen zijn die voor die tijd de waarheid zullen beginnen te omarmen, die eerder zullen beginnen te luisteren en eerder veranderingen in hun leven zullen aanbrengen. Veel van wat hier geschreven staat dient dan ook om die mensen te helpen om beter voorbereid te kunnen zijn op wat nu snel aan deze wereld gaat gebeuren, en hen te helpen vasthouden aan de ware hoop van alles wat snel daarop zal volgen waneer Christus eenmaal begint in te grijpen.

De reden waarom dit boek ‘Wanneer de aftelling eindigt’ als titel draagt, is om het feit te onderstrepen dat de tijd nu snel ten einde loopt voordat deze wereld zich in een derde wereldoorlog stort. Er rest mensen niet veel tijd meer om zich gedegen te kunnen voorbereiden op wat er staat te gebeuren. Hoe eerder je deze realiteit onder ogen gaat zien, des te beter zal je je fysiek, mentaal en geestelijk kunnen voorbereiden.

In dit hoofdstuk wordt geopenbaard wat deze specifieke eindtijd aftelling allemaal inhoud. Voor sommigen geldt dat hoe beter zij dit gaan inzien des gemotiveerder zij zullen zijn om snel te reageren en veranderingen in hun leven aan te brengen, wat zal helpen mensenlevens te redden.

Lang geleden openbaarde God Zijn manier van leven aan de kinderen Israëls, nadat Hij hen uit hun gevangenschap in Egypte bevrijdde, en Hij zei aan hen: ‘Ik heb jullie de keuze gegeven tussen leven en dood. Kies dan het leven!’ God toonde hen het belang van het maken van juiste keuzes en Zijn verlangen dat zij dat zouden doen.

Nu meer dan ooit tevoren is weer zo’n moment. Dit is een tijd waarin je voor het leven moet kiezen of niet. Het einde van de aftelling in deze eindtijd is nabij. Wanneer dat gebeurt zal er een kernoorlog uitbreken. Hopelijk zal de uitleg over alles wat deze aftelling behelst helpen om mensen wakker te schudden, en hen voor het leven te laten kiezen door zich oprecht en eerlijk tot God te keren.



Leren luisteren

Het bestaan van een almachtige, eeuwig levende God die de schepper van alles is, is iets wat de mensheid niet kan begrijpen. De fysieke menselijke geest kan dit niet bevatten. Daarentegen is de menselijke geest (verstand) beperkt tot fysiek redeneren. Er bestaan geen fysieke wetten die aan de mensheid het bewijs kunnen leveren van het bestaan van een God met onbeperkte macht zonder begin of herkomst. We kunnen dit niet bevatten. En toch liggen de bewijzen van het bestaan van een Schepper overal om ons heen opgestapeld, op deze aarde en ver daarbuiten.

De fysieke geest (menselijk verstand) is niet in staat om de grootsheid en de complexiteit van alles wat God geschapen heeft te bevatten. Zelfs met onze huidige stand van wetenschappelijke en technologische vooruitgang van de voorbije decennia, staan wij nog maar in de kinderschoenen wat betreft onze kennis over het universum. Gods grootsheid, macht, kracht en doel gaan zo ver voorbij aan het menselijke begrip. Enkel en alleen wanneer God ons meer openbaart kunnen wij ook meer gaan begrijpen.

Al eeuwenlang hebben Gods mensen waarschuwingen verkondigd over datgene wat Hij aan hen heeft geopenbaard. En datgene wat God heeft geopenbaard, vormt een krachtige getuigenis van hoe de mensheid werkelijk is. De mensheid kiest er van nature voor om alle waarheid die God openbaart niet te geloven, zelfs niet wanneer Hij ons verteld hoe onze menselijke natuur is.

‘Immers, het denken van het vlees (de natuurlijke menselijke geest/verstand) is vijandschap tegen God. Het onderwerpt zich namelijk niet aan de wet (de wegen, levenswijze) van God, want het kan dat ook niet.’ (Romeinen 8:7)

Velen geloven gewoonweg niet wat God over onze menselijke natuur zegt en hoe deze zich tegen Hem, Zijn wegen en Zijn wetten verzet. Dat is ofwel waar of niet waar. Als we onze menselijke natuur gaan begrijpen, dan is dat één van de eerste grote stappen om te kunnen leren hoe je vrij kan worden van de gevangenschap van onze egoïstische natuur.

Er is een belangrijke reden waarom God het menselijk leven fysiek schiep, en niet geestelijk zoals Hij het engelenrijk schiep. De mensheid werd fysiek geschapen met het specifiek doel voor ogen dat zij de egoïstische menselijke natuur zou kunnen ondervinden. Die natuur komt al snel na de geboorte aan het licht. Je kan getuige zijn van de ontwikkeling van die natuur, en zien hoe wij altijd onze eigen zin willen krijgen. Onze natuur is in de eerste plaats op onszelf gericht – egoïstisch. Maar in onze dwaasheid verzetten wij ons tegen die ware kennis over onszelf.

‘Maar de natuurlijke mens neemt de dingen van de Geest van God niet aan, want ze zijn dwaasheid voor hem. Hij kan ze ook niet leren kennen, omdat ze geestelijk beoordeeld worden.’ (I Korinthe 2:14)

God openbaart dat onze menselijke natuur zich van nature tegen Zijn weg – Zijn waarheid – verzet, en wel dusdanig dat we geneigd zijn om zulke waarheid als dwaasheid te bestempelen.

Kijk maar wat door de mensheid als dwaasheid beschouwd wordt en wat zij aan de andere kant voor waar en juist aanneemt.

Mensen die tot het traditionele Christendom behoren geloven dat de volgende zaken waar en juist zijn, zoals daar zijn: het fabeltje van Kerstmis, het aanvaarden dat Christus slechts anderhalve dag in de graftombe vertoefde, het geloof dat mensen die een slecht leven geleid hebben voor alle eeuwigheid in een hel gemarteld worden, dat God lijkt op een soort van geestelijke ‘Drie Musketiers’ die samen een ‘Drie-eenheid’ vormen en dat fysieke mensen een ‘onsterfelijke ziel’ hebben.

Maar de waarheid van God die als dwaasheid beschouwd wordt zijn onder andere de volgende: dat er slechts één Almachtige Eeuwige God is, dat Christus exact drie dagen en drie nachten in de graftombe verbleef zoals hij voorzegd had, dat de mensheid Gods Sabbatten dient te houden en niet haar eigen feestdagen of de Zondag als de wekelijkse dag voor aanbidding, dat de mensheid geen ‘onsterfelijke ziel’ heeft maar daarentegen door God terug tot leven opgewekt zal worden, dat enkel en alleen Hij onsterfelijk leven inherent in Zich heeft en dat Christus’ leven begon bij zijn fysieke geboorte, etc.

Dus zal alles wat in dit boek geschreven staat voor de meeste mensen dwaasheid zijn. Alleen God kan mensen tot op het punt brengen dat zij kunnen beginnen te luisteren en gaan zien dat wat Hij zegt waar is. We bevinden ons nu precies op dat moment in de tijd – in deze eindtijd waarin God nu het proces in gang gaat zetten om het voor de mensheid mogelijk te maken om te beginnen luisteren en vervolgens te kunnen zien wat Hij zegt – dat wat écht waar is.

Je kan met kinderen werken en ze aanleren om beter te leren omgaan met hun eigen egoïstische natuur. Kinderen kunnen zo leren dat niet alles wat zij willen ook altijd goed voor hen is. Zij leren dat het antwoord op alles wat zij willen niet altijd ‘ja’ is. En terwijl zij zo opgroeien leren ze om door het leven te gaan met het besef van de realiteit dat zij niet altijd hun eigen zin kunnen krijgen.

Maar hoeveel de mensheid ook aan die egoïstische natuur werkt, toch gaat deze nooit helemaal weg. Ze blijft altijd bij ons. Maar het is Gods verlangen om ons terwijl wij dit menselijke leven ervaren een veel betere weg – Zijn weg – te tonen. Dat proces vereist verandering die alleen door de hulp van God tot stand kan komen, omdat die hulp geestelijk is, en alleen wat geestelijk is kan openbaren wat waar is. Dan en alleen dan kunnen echte vrede, waar geluk en een echt vervullend leven ervaren worden.

We bevinden ons nu aan het einde van 6.000 jaar, in een periode van grote technologische en wetenschappelijke ontwikkelingen en inzicht. Dat werd allemaal door God zo gepland. De specifieke timing wanneer dergelijke kennis aan de mensheid gegeven zou worden lag volledig in Zijn handen.

Nu is de tijd aangebroken voor de volgende grote fase in Gods plan. Hij heeft ons tot deze tijd gebracht, waarin wij als mensheid in staat zullen zijn om een ongelooflijke stap vooruit te zetten in de ontwikkeling van een veel grotere maturiteit in ons bestaan – in het leven.

Die volgende stap kan alleen maar gezet worden door datgene waarmee God de mensheid nu zal confronteren, zodat zij haar eigen ware egoïstische en destructieve natuur onder ogen zal kunnen zien. Als gevolg van de egoïstische natuur van de mensheid wordt de aarde langzaam maar zeker verwoest, en naarmate de technologie toeneemt wordt dat proces meer en meer versneld.

God heeft tot nu toe het ultieme misbruik van die technologie tegengehouden – namelijk het inzetten van atoomwapens in oorlog. We zijn nu bijna op het moment gekomen waarop God gaat toestaan dat die laatste fase van de eindtijd gebeurtenissen begint. Dit is allemaal noodzakelijk teneinde de mensheid dusdanig nederig te maken zodat daaruit een veel volwassener en wijzere mensheid voort kan komen.

God heeft geopenbaard dat de mensheid eerst een periode van grote vernedering zal moeten meemaken, voordat zij werkelijk naar Hem zal beginnen te luisteren. Dat kan alleen maar mogelijk gemaakt worden door de wereld aan den lijve te laten ondervinden dat zij haar eigen problemen niet kan oplossen, en dat haar eigen zelfvernietiging een klaar en duidelijke realiteit is. Door middel van deze ondraaglijke ervaring voor de mensheid, in een periode dat de geest van de mensheid begint te veranderen van hoogmoed naar nederigheid, zal God letterlijk beginnen te manifesteren wat Hij al duizenden jaren door Zijn profeten en apostelen heeft geopenbaard.

Na 6.000 jaar zal God Zichzelf uiteindelijk aan de mensheid beginnen te manifesteren op een heel uitzonderlijke manier, en dat op een tijdstip dat het de hele schepping het meest ten goede zal komen. God zal dan de eersten in Zijn Familie, een schepping waaraan Hij de afgelopen 6.000 jaar gewerkt heeft, openbaren – de 144.000 die samen met Christus terugkeren.

Toen Christus opgewekt werd, werd hij tot geestelijk leven in een geestelijk lichaam opgewekt. Enkele uren na zijn opstanding manifesteerde hij zichzelf in de vorm van een menselijk lichaam dat er precies zo uitzag als voor zijn dood. Na zijn dood werkte hij nog gedurende 40 dagen oog in oog met de discipelen en onderwees hen nog veel meer over alles wat er gebeurd was en wat het doel daarvan was.

Zij die tot geestelijk leven opgewekt worden, kunnen zichzelf aan mensen manifesteren in een gelijkende gedaante als zij in hun eerdere fysieke leven hadden. Zo zal het ook zijn voor de 144.000 die opgewekt zullen worden om samen met Christus terug te keren.

Mensen zullen hen kunnen zien en leren kennen, omdat zij zich als priesters en heersers in Gods Koninkrijk onder de mensheid over heel de aarde zullen begeven. Iedereen die dit alles nu leest zal mogelijk ervaren dat zij deze priesters en heersers in die nieuwe era zullen zien, en kunnen zelfs de gelegenheid hebben om hen te ontmoeten en met hen te spreken.



Gods Familie en Gods Kerk

Alvorens meer uitleg te geven over de aftelling en hoe die begon, is het wellicht beter om eerst te benadrukken wat er aan het einde van die aftelling gebeurt. Het is belangrijk om te weten wat God van plan is wanneer die aftelling eenmaal afgelopen is, zodat je de waarheid over Gods Kerk beter kan waarderen.

Vlak voordat die aftelling eindigt, zal de wereld in Wereld Oorlog III gestort worden – een nucleaire oorlog. En het dient herhaald te worden dat indien God niet zou ingrijpen om deze oorlog te stoppen, de realiteit is dat de mensheid zichzelf zal vernietigen. Dat is wat de mensheid onder ogen zal moeten zien.

Vlak na het einde van deze aftelling zal God Zijn eigen Familie aan de mensheid beginnen te manifesteren. Want Zijn Familie zal Zijn regering op aarde vestigen.

Vanaf het begin van de schepping was het altijd al Gods doel om Zijn eigen Familie – Elohim – te scheppen. Dat is altijd al Zijn doel geweest, en het is nog steeds Zijn eerste prioriteit. Binnen het hele geestenrijk en het fysieke universum is het hoogtepunt van Gods scheppende vermogen en kracht de schepping van Zijn Familie.

Hoewel het geestenrijk en het fysieke universum miljoenen tot zelfs miljarden jaren geleden geschapen werden, toch begon Gods schepping van Zijn Familie pas 6.000 jaar geleden. Het is het allermoeilijkste deel van heel Zijn schepping. Voordien, voordat God aan de schepping van Zijn Familie begon, was het zo dat alles wat God in het geestenrijk en het fysieke universum schiep gewoonweg ontstond vanwege Zijn macht en kracht. Noch het geestenrijk noch het fysieke universum verzetten zich tegen Gods wil toen zij gemaakt werden.

Maar het scheppen van Elohim is niet zo eenvoudig. Het begon met Gods schepping van fysieke mensen die een geest (verstand) kregen waarmee zij in staat waren om hun eigen vrije keuzes te maken, maar die ook van bij hun geboorte een egoïstische menselijke natuur meekregen. Vervolgens begint God dan met deze mensen te werken, die zich van nature tegen Hem verzetten. Van nature kiezen mensen altijd de egoïstische weg, maar op een bepaald moment in eenieders leven zal God met hen beginnen te werken en hen de juiste manier van leven openbaren – Zijn weg – de weg van ‘geven’ in plaats van ‘nemen’.

Dat is het moment dat eenieder voor zich moet besluiten of zij Gods manier van leven willen gaan volgen, of dat zij voort willen blijven leven zoals zij dat altijd gedaan hebben. Voordat God iemand roept en hen Zijn wegen begint in te geven, is men niet in staat om zijn eigen ware aard te zien noch om voor een andere weg te kiezen totdat Hij dit aan hen openbaart.

Vervolgens zullen alleen diegenen die er vrijwillig voor kiezen om die juiste manier van leven na te leven en die deel willen uitmaken van Gods Kerk, de mogelijkheid krijgen om lid van Gods Familie te worden. Iedereen moet vrij en gewillig voor zichzelf uitmaken of zij deel willen uitmaken van Gods ware Kerk.

Gods streven om met egoïstische mensen te werken om hen te helpen hun eigen lelijke menselijke natuur in te zien, om hen vervolgens de kans te geven om hun geest te veranderen en te transformeren, is wat deze ‘schepping’ van Zijn Familie zo complex maakt. Maar er bestaat geen enkele andere manier om Zijn eigen Familie te scheppen dan door dit proces.

De eerste fase van dat proces begint met het menselijk leven. Daarna begint de volgende fase in dit scheppingproces wanneer God in Zijn Kerk rechtstreeks op geestelijk niveau met een persoon begint te werken, teneinde een nieuwe meer mature geest in hen te vormen – een geest die later in Zijn geestelijke Familie geboren kan worden.

Nogmaals, God heeft de voorbije 6.000 jaar gewerkt aan de schepping van de eersten van Zijn Familie. Het is een exact aantal, namelijk 144.000 die opgewekt zullen worden om samen met Christus terug te keren wanneer hij komt om Gods regering over alle landen ter wereld te vestigen. Tijdens de daaropvolgende 1.000 jaar zullen vele miljarden dezelfde kans krijgen om voor Gods manier van leven te kiezen, deel van Gods Kerk te worden en er dan aan te werken om een lid van Gods geestelijke Familie te worden.

Tenslotte, zal de overgrote meerderheid van alle mensen die geleefd hebben en gestorven zijn, tijdens de 100 jaar die op het Millennium volgen terug tot fysiek leven opgewekt worden, om dan in die tijd hetzelfde aangeboden te krijgen – te kunnen kiezen voor Gods Familie, of niet.

Hopelijk zal dit helpen om een betere waardering en begrip te krijgen waarom Gods focus in deze eindtijd dusdanig op Zijn Kerk gericht is. Want de voorbije 2.000 jaar heeft God grote aantallen mensen in Zijn Kerk geroepen, om hen als eerste de gelegenheid aan te bieden om in Zijn Familie te zijn. Gedurende heel die periode zijn de meeste mensen in de Kerk geroepen om deel uit te maken van de 144.000 die samen met Christus terugkeren.



Alles draait om de Kerk

Het grote belang van de voltooiing van het getal van de 144.000 die met Christus zullen komen door God, zou ons moeten helpen om veel beter te begrijpen waarom Gods aandacht eerst en vooral op Zijn Kerk gericht is. Teneinde Zijn Familie te kunnen laten regeren moet het getal van de 144.000 voltooid worden, daarom heeft dat op dit moment voorrang op alle andere zaken. Er resten er nog een paar die voorbereid worden om deel uit te maken van de 144.000. Wanneer dat voltooid is zal Wereld Oorlog III beginnen.

God en Christus werken aan de geestelijke vorming van de geest en het karakter van diegenen waarmee gewerkt wordt opdat zij deel van Zijn Familie zouden kunnen worden. In een bepaald stadium van de ontwikkeling van geestelijke volwassenheid, bepaalt God of een persoon dat punt bereikt heeft waarop hij of zij deel van die Familie kan worden – van de God Familie. De voltooiing van dit proces in iemands leven wordt omschreven als door God ‘verzegeld’ worden.

We hebben uitgelegd dat de gebeurtenissen van de eerste vier Trompetten over het begin van Wereld Oorlog III gaan, en dat die gebeurtenissen betrekking hebben op wat er op dat moment met de Verenigde Staten gaat gebeuren. God openbaart dat er nog één groot werk is dat eerst door Hem voltooid moet worden, voordat de vier Engelen van de eerste vier Trompetten die gebeurtenissen kunnen laten beginnen.

Hierna zag ik vier engelen (met eerste vier Trompetten) staan op de vier hoeken van de aarde. Zij hielden de vier winden van de aarde tegen, opdat er geen wind zou waaien op de aarde, of op de zee of tegen enige boom (dit gaat over de verwoesting die tegen gehouden wordt). En ik zag een andere engel opkomen van waar de zon opgaat, met het zegel van de levende God. En hij riep met luide stem tegen de vier engelen aan wie het gegeven was de aarde en de zee schade toe te brengen, en zei: Breng geen schade toe aan de aarde, en ook niet aan de zee en de bomen, totdat wij de dienaren van onze God aan hun voorhoofd verzegeld hebben. En ik hoorde het aantal van hen die verzegeld waren: honderdvierenveertigduizend waren er verzegeld uit (vernoemd naar) alle stammen van de Israëlieten. (Openbaring 7: 1-4)

Op dit moment zijn de meesten van de 144.000 al verzegeld. De meeste van hen zijn dood en zullen bij de wederkomst van Christus opgewekt worden. Maar God openbaart dat er een aantal zijn die nog in leven zullen zijn wanneer Christus terugkeert, die nooit de dood zullen ervaren. Dat kleine aantal mensen zal gewoonweg in een oogwenk van sterfelijk naar onsterfelijk veranderd worden, wanneer ook zij tot geestelijk leven opgewekt zullen worden bij de wederkomst van Christus. Deze mensen maken deel uit van Gods Kerk en er zijn er nog maar een paar die nog verzegeld moeten worden.

Alles wat nu nog vervuld moet worden voor het begin van Wereld Oorlog III betreft de Kerk en de voltooiing van de verzegeling van de paar enkelingen die nog tot de 144.000 zullen behoren. Wanneer dat eenmaal vervuld is, dan zullen de engelen die momenteel de gebeurtenissen die tot Wereld Oorlog III zullen leiden tegenhouden, deze niet langer tegenhouden.



De timing is bekend door wat er met Gods Kerk gebeurd

Gods Kerk is zo belangrijk voor Zijn plan, dat Hij heel veel profetieën over haar heeft laten opschrijven. Er zijn mensen in de wereld die geloven dat we een eindtijd naderen waarin de profetische gebeurtenissen die in Openbaring opgetekend staan zullen plaatsvinden. Zij begrijpen echter de timing in verband met deze profetieën niet, omdat vele daarvan over Gods Kerk gaan.

Deze mensen lezen het boek Openbaring en denken dat zij een behoorlijk begrip hebben van wat daarin geschreven staat, maar de belangrijkste delen die door hen fout geïnterpreteerd of fout toegepast worden op historische gebeurtenissen uit het verleden, zijn juist de zaken die hen blind maken voor hoe dichtbij de eindtijd werkelijk is. Daardoor hebben velen van hen hun aandacht niet gericht op de huidige gebeurtenissen, omdat zij geloven dat deze grote eindtijd gebeurtenissen pas over vele jaren in de toekomst zullen plaatsvinden.

De meeste profetieën in het boek Openbaring gaan over Gods Kerk. Als je deze profetieën begrijpt dan kan je veel preciezer de timing van de eindtijd gebeurtenissen duiden.

Van in het begin van het boek Openbaring begint God het belang van Zijn Kerk te openbaren, door haar van te voren te waarschuwen voor wat er in de volgende 1.900 jaar binnen de Kerk zou gebeuren. Johannes schreef het boek Openbaring midden de jaren 90 na Christus in gevangenschap op het eiland Patmos, nadat deze profetieën aan hem geopenbaard werden. Dat betekent dat hij ergens in de 90 jaar geweest moet zijn toen hij dit schreef.

Een van de eerste profetieën die God hem over de Kerk gaf, is iets wat weinigen blijken te begrijpen. Het betreft de verschillende era’s van de Kerk die elkaar door de tijd heen zouden opvolgen, helemaal tot aan de eindtijd – tot aan de laatste era.

De eerste era die vermeld wordt is Efeze, de era van de eerste apostelen waarover geschreven wordt in het Nieuwe Testament. In de loop der tijden maakte Kerk een moeilijke geschiedenis door waarin zij onderdrukt werd en grote tegenwerking ondervond van diegenen die valselijk beweerden Christenen te zijn. Door de uitvinding van de drukpers aan het begin van de vijfde era, Sardis, ontstonden er plots veel Protestantse Kerken. Deze grote toename van kerkorganisaties los van de Katholieke Kerk die honderden jaren lang de dominante religie was geweest, leidde tot nog grotere onderdrukking van Gods eigen Kerk.

Als gevolg van vele honderden jaren van dergelijke tegenwerking tegen Gods Kerk, raakte de Kerk erg verzwakt, totdat zij uiteindelijk zo zwak geworden was dat God haar voor dood verklaarde – geestelijk dood. Op dat punt in de tijd stelde God Herbert Armstrong aan als apostel, en gaf aan hem het vermogen om waarheid aan de Kerk te herstellen en haar te openbaren dat zij de eindtijd was ingegaan. Die era waarin Herbert Armstrong de opdracht die hij van God gekregen had moest vervullen, was gekend als de Filadelfia era.

Kennis van deze gebeurtenissen en van de geschiedenis van Gods Kerk, helpt bij het identificeren van de geprofeteerde eindtijd gebeurtenissen terwijl deze zich ontvouwden. Het is belangrijk dat je deze era’s kent, want de laatste era waarover geprofeteerd wordt is de era die zou leiden tot het begin van de letterlijke definitieve aftelling naar Wereld OorlognIII en de wederkomst van Christus. Deze laatste era, de era van Laodicea, stortte de wereld rechtstreeks in de eindtijd gebeurtenissen. Die laatste era begon meteen na het overlijden van Herbert Armstrong in Januari 1986.

De wereld heeft Gods Kerk niet gekend noch erkend, en zoals reeds eerder vermeld heeft de wereld Gods eindtijd apostel ook niet erkend, die door God was aangesteld om een groot werk te doen dat zou leiden tot aan het begin van de eindtijd. De opdracht van Herbert Armstrong was om de wereld in te trekken met het goede nieuws (evangelie) van het komende Koninkrijk van God. Dat is exact het ‘werk’ waar Jozua de Christus van sprak, dat in de eindtijd zou plaatsvinden.

‘En dit Evangelie (goede nieuws) van het Koninkrijk zal in heel de wereld gepredikt worden tot een getuigenis voor alle volken; en dan zal het einde komen.’ (Matthëus 24: 14)

Inderdaad, toen Herbert Armstrong stierf begon de laatste era van de Kerk. En die era leidde tot aan de vervulling van de gebeurtenissen van een aantal van de meest belangrijke profetieën over het begin van de aftelling naar de tweede komst van Christus. Deze profetieën hadden betrekking op het begin van grote eindtijd gebeurtenissen die in Gods eigen Kerk plaatsvonden. Deze worden geopenbaard in de opening van de eerste vier Zegels van Openbaring.

Zoals we reeds eerder aan het begin van dit hoofdstuk gezegd hebben, naar deze eerste vier Zegels wordt vaak verwezen als de ‘Vier Ruiters ven de Apocalyps’. Velen geloven dat zij begrijpen waar deze profetische ruiters voor staan, maar geen van hen begrijpt dit. Er doen tal van ideeën en gedachten hierover de ronde, en al die interpretaties wijken sterk van elkaar af. Er zijn er enkelen die begrijpen dat het Eerste Zegel over valse religie gaat, maar zij bevatten niet dat dit om een profetische gebeurtenis ging die het begin van de finale aftelling markeerde.

Omdat er zoveel verschillende interpretaties over de betekenis van de Vier Ruiters de ronde doen, en omdat men foutievelijk denkt dat dit over grote rampzalige verdrukking op aarde gaat, dringt de ontnuchterde waarheid dat deze oorlog nu voor de deur staat niet door tot de meeste mensen. Zij zien die verdrukking nog niet, en zij beseffen niet dat dit over Gods Kerk gaat. En daarom ligt de realiteit van die laatste wereldoorlog nog veraf voor hen. Zij zien geen profetische gebeurtenissen plaatsvinden en zullen daarom compleet verrast worden door de totale ondergang van de Verenigde Staten, die zal plaatsvinden tijdens gebeurtenissen van de eerste Vier Trompetten van het Zevende Zegel.

Dit boek probeert duidelijk te maken dat veel van de geprofeteerde gebeurtenissen in de aanloop naar deze laatste oorlog reeds vervuld zijn, en vooral die gebeurtenissen die Herbert Armstrong kort na het einde van Wereld Oorlog II begon te voorspellen. We bevinden ons al heel ver in de aftelling van deze eindtijd. De waarheid is dat alle Zeven Zegel van Openbaring reeds geopend zijn, maar de gebeurtenissen van de eerste Vier Trompetten van het Zevende Zegel worden op dit moment nog tegen gehouden, totdat de volledige verzegeling van de 144.000 voltooid is.

Zoals reeds meerder malen gezegd, de wereld heeft Gods ware Kerk nooit gekend terwijl Gods grootste aandacht en werk altijd op haar gericht is geweest. God heeft het klaar en duidelijk gemaakt dat de gebeurtenissen van Wereld Oorlog III niet kunnen beginnen, voordat er een aantal specifieke zaken betreffende Zijn Kerk voltooid zijn. Zo belangrijk is de rol van Gods Kerk in de vervulling van de eindtijd gebeurtenissen en het einde van dit tijdperk van de mensheid! Als je dit begrijpt, dan zal dat je helpen om beter te begrijpen het Eerste Zegel van Openbaring over ging, en dat toen die gebeurtenis plaatsgevonden had er in Gods Kerk effectief een aftelling naar de wederkomst van Christus begon.

Net zoals God in het boek Daniël voorzegde dat er vanaf een specifiek moment in de geschieden een aftelling zou beginnen naar de eerste komst van Christus (genaamde de ‘Zeventig Weken Profetie’), is er ook een specifieke aftelling naar zijn tweede komst.

God is uiterst precies en exact in elk detail van de vervulling van profetische tijdlijnen. In de Bijbel staan veel zulke passages opgetekend. Een zo’n passage die hier reeds aan bod kwam, gaat over de kennis die God aan Christus gaf over de exacte tijdspanne van de drie dagen en drie nachten dat hij, Jozua, in de graftombe zou vertoeven. Christus zei tegen zijn discipelen dat dit het enige teken was dat hij zou geven dat hij de Messias was.

God openbaarde door de profeet Daniel de exacte timing wanneer de Messias de eerste keer zou komen om een werk op aarde te vervullen. Diezelfde ‘Zeventig Weken Profetie’ (waarvan je een schematisch overzicht kan terugvinden in de bijlage aan het einde van dit boek) voorspelde ook wanneer hij zou sterven. God heeft geopenbaard dat in deze specifieke profetie elke ‘profetische dag’ gelijk is aan één letterlijk jaar. Deze profetie begint met een specifiek tijdssegment.

‘Weet dan, en versta: vanaf het ogenblik dat het woord uitging, om Jeruzalem te herstellen en te herbouwen, tot op Messias, de Vorst (wanneer hij zijn werk, zijn ministry zou beginnen), zijn zeven weken, en twee en zestig weken; de straten, en de wallen zullen wederom gebouwd worden, ondanks de rumoerige tijden.’ (Daniel 9: 25)

Ten tijde dat Juda veroverd werd en in ballingschap naar Babylon gevoerd werd, werd het grootste deel van Jeruzalem en de tempel verwoest. God gebruikte het voorbeeld van deze fysieke verwoesting en de timing van het bevel tot het heropbouwen van de tempel en de muren van Jeruzalem, als voorbeeld voor de aftelling naar de eerste komst van Christus. En dit voorbeeld diende ook als een profetisch type voor de geestelijke vervulling van een aftelling die zou leiden tot de tweede komst van Christus. Inderdaad, beginnend bij de oude profeten en verder doorheen het hele Nieuwe Testament, zijn veel profetieën gegeven over Christus’ eerste en tweede komst en de timing rondom deze twee aftellingen.

De eerste periode die vermeld wordt is ‘zeven weken’, wat 49 dagen is. Die 49 profetische dagen zijn gelijk aan 49 letterlijke jaren. In 457 voor Christus vaardigde Artaxerxes een decreet uit voor de heropbouw van Jeruzalem, die plaatsvond in de tijd van Ezra en Nehemia. Het duurde 49 jaar om de straten en de wallen herop te bouwen, wat op zich de eerste zeven weken profetie (49 jaar) vervulde en die eindigde in 408 voor Christus.

De volgende periode die vermeld wordt is ‘tweeënzestig weken’. Als je dit getal vermenigvuldigd met zeven dagen in een week, dan kom je uit op 434 profetische dagen of 434 letterlijke jaren. Als je vanaf 408 voor Christus die 434 jaar rekent dan kom je uit in 27 na Christus (1 jaar wordt daarbij opgeteld omdat er geen jaar nul is). Jozua de Christus begon zijn ministry in 27 na Christus en werd 3 ½ jaar later op het Pascha van 31 na Christus gedood. Die 3 ½ jaar worden in de volgende twee verzen van Daniel 9 besproken.

‘En na tweeënzestig weken zal de Messias uitgeroeid (gedood) worden, maar het zal niet voor hemzelf zijn (hij zou voor de gehele mensheid sterven als hun Paschaoffer) en hij (de Messias) zal met velen het verbond versterken één week lang; en in de helft der week (3½ dagen) zal Hij het slachtoffer en het spijsoffer doen ophouden...’ (Daniel 9: 26 - 27)

De oude profeten, de religieuze leiders noch de discipelen wisten dat de Messias eerst zou komen om als het Paschaoffer voor de wereld te sterven, en zij begrepen ook niet dat hij zodoende ‘een einde zou stellen’ aan de fysieke ‘slachtoffers en spijsoffers’. Wat betekent dat door zijn dood de wetten van het offersysteem vervuld en dus afgeschaft zouden worden. Wanneer er in de Bijbel gesproken wordt over het afschaffen van wetten, en dit vooral in het boek Hebreeën, dan gaat dit nooit over de 10 Geboden, maar wel over de offerwet, het offersysteem en de wetten die daar betrekking op hebben, die datgene wat komen zou symboliseerden.

Deze profetie over Christus’ eerste komst waarin hij een ministry van 3 ½ jaar zou vervullen, waarna hij ‘uitgeroeid’ (gedood) zou worden, is makkelijk te begrijpen. Maar in deze profetie zit ook betekenis verscholen die te maken heeft met de gebeurtenissen in de eindtijd, doch die is nog niet volledig geopenbaard.

Deze aftelling naar de eerste komst van Christus was uiterst gedetailleerd en nauwkeurig. God heeft ook over de aftelling naar de tweede komst van Christus profetie gegeven die exact is. Alle details van die telling zijn nog niet volledige aan Gods Kerk gegeven, maar het is wel geopenbaard dat die aftelling nu snel zijn einde nadert. God heeft ons precieze segmenten van profetische timing gegeven waar wij alert naar moeten blijven uitkijken, om ons te helpen om goed voorbereid te zijn op de gebeurtenissen die zullen leiden tot het einde van de huidige aftelling.



Profetische timing van Christus’ tweede Komst

Tijdens de Filadelfia era van de Kerk gaf God aan zijn apostel Herbert Armstrong een heel specifieke ‘sleutel’ met betrekking tot de eerste vier Zegels van Openbaring. Hij begreep dat de ‘Olijfberg profetieën’ de ‘sleutel’ waren tot het begrijpen van deze vier Zegels, maar hij zag niet dat deze niet over fysieke eindtijd gebeurtenissen gingen.

De ‘Olijfberg profetieën’ verwijst naar profetieën die Christus de laatste dag van zijn leven tijdens het Pascha van 31 na Christus op de Olijfberg aan zijn discipelen gaf.

Hoewel deze ‘sleutel’ aan Herbert Armstrong gegeven werd, toch openbaarde God niet de volle betekenis van deze profetieën aan hem noch gaf Hij hem de mogelijkheid om deze ‘sleutel’ te kunnen gebruiken, omdat de tijd om deze Zegels te openen nog niet gekomen was. Daarom was Herbert Armstrong dus beperkt tot het zien van een fysieke vervulling van deze Zegels. Hij kreeg niet het inzicht dat dit profetisch was en rechtstreeks betrekking had op Gods eigen Kerk, in plaats daarvan geloofde hij foutievelijk dat het Eerst Zegel over de fysieke ‘religieuze’ wereld van het traditionele Christendom ging.

Mattheüs 24 en ook alle andere verslagen van de ‘Olijfberg profetie’ lopen parallel aan het verslag over de Zegels in Openbaring 6. Zelfs Gods eigen Kerk kon pas nadat het Eerste Zegel geopend was deze eerste vier Zegels in een ander licht gaan zien - als meer dan slechts een fysieke vervulling. Het is dan ook niet verwonderlijk dat de wereld deze zaken altijd beschouwd heeft als een fysieke vervulling van een grote fysieke verdrukking op aarde.

Zoals eerder gezegd, deze eerste vier Zegels worden vaak aangeduid als de tijd van de Vier Ruiters van de Apocalyps, omdat zij altijd gezien werden als zijnde ‘apocalyptische’ fysieke verwoestende gebeurtenissen op aarde. Er zal ‘apocalyptische’ vernietiging over deze wereld komen wanneer de gebeurtenissen van de eerste vier Trompetten van het Zevende Zegel beginnen, maar de eerdere Zegels gaan over dramatische vernietiging die in Gods eigen Kerk plaatsvond. Zij waren van een geestelijke apocalyptische aard.

De nu volgende verzen beschrijven hoe de discipelen samen met Jozua rond de Tempel wandelden, wanneer hij begon te profeteren over Gods Kerk in de eindtijd. Het gesprek ging daarna over in vragen en antwoorden over die tijd.

‘En Jezus ging weg en vertrok uit de tempel; en Zijn discipelen kwamen naar Hem toe om Hem op de gebouwen van de tempel te wijzen. Jezus antwoordde en zei tegen hen: Zien jullie dit alles? Voorwaar, Ik zeg jullie: hier zal niet één steen op de andere steen gelaten worden die niet afgebroken zal worden.’ (Mattheüs 24: 1-2)

Alles wat Jozua hier aan zijn discipelen begon te beschrijven, wordt door de meeste mensen als louter fysiek begrepen. Dat was de gangbare reactie op het onderwijs van Jozua de Christus, en het is ook een heel normale menselijke reactie omdat de mensheid van nature te maken heeft met het ‘fysieke’ wat haar omringt, omdat zij het geestelijke niet kan zien of begrijpen. Het geestelijke aspect kan niet gezien of waargenomen worden.

Het boek Johannes staat boordevol zulke voorbeelden. In datzelfde boek, in hoofdstuk 3, sprak Jozua tot Nicodemus, een groot leider van de Joden. Hij kon niet begrijpen waar Jozua het over had wanneer hij sprak over de noodzaak om ‘weder geboren’ te worden uit de geest. Nicodemus vroeg hoe iemand opnieuw geboren kon worden wanneer hij al oud was. Hij besefte dat hij niet terug in de baarmoeder van zijn moeder kon kruipen, om dan opnieuw geboren te worden.

Zelfs het traditionele Christendom koestert een fout interpretatie hiervan. Zij geloven dat opnieuw geboren worden een soort van ‘geestelijke ervaring’ is terwijl je je nog in je fysieke lichaam bevindt. Maar Jozua legde een letterlijke verandering uit, die in het menselijke leven moet plaatsvinden. Die verandering maakt deel uit van Gods doel voor de mensheid. De mensheid heeft de mogelijkheid om uit geestelijke essentie als eeuwig levend geestelijk wezen in de God Familie geboren te worden.

In Johannes 4 staat het verhaal van een Samaritaanse vrouw die Jozua ontmoette bij een waterput. Hij legde haar uit dat zij van het water van die bron kon drinken, maar dat zij daarna opnieuw dorst zou krijgen. Vervolgens zei hij haar dat hij haar levend water kon aanbieden, en dat als iemand daar van dronk zij nooit meer zouden dorsten. Zij vroeg hem om haar van dit water te geven, zodat zij nooit meer naar de waterput zou moeten terugkomen om drinkwater te putten. Zij begreep niet dat hij niet over fysiek water sprak, maar wel over de mogelijkheid om te kunnen ‘drinken’ van het ‘geestelijke water’ van het Woord van God.

Vervolgens in Johannes 6 sprak Jozua over de toekomstige symboliek en symbolen van de Pascha ceremonie, die later door Paulus in I Korinthe 11:23 uitgelegd werden. Jozua vertelde zijn discipelen dat zij van zijn vlees zouden moeten eten en van zijn bloed zouden moeten drinken. In Johannes 6:66 staat geschreven dat vele van zijn discipelen (niet de twaalf) daarna stopten met hem te volgen, omdat zij gruwelden bij het idee van wat hij gezegd had. De Joden hebben zich altijd aan de wetten van rein en onrein voedsel gehouden. Zij wisten dat het eten van menselijk vlees en het drinken van mensenbloed een flagrante en duidelijke overtreding van Gods wetten waren.

Maar Jozua had het niet over een letterlijke fysieke interpretatie. Hij begon zijn discipelen tot meer begrip en inzicht te leiden in alles wat later nog gegeven zou worden over de nieuwe Pascha ceremonie. In die toekomstige ceremonie zou het drinken van een klein beetje wijn dienen als herinnering aan zijn gespilde bloed, en het eten van een klein stukje ongezuurd brood symbool staan voor zij vlees – zijn fysieke leven, geofferd voor de zonden van de mensheid, als het Paschaoffer.

In het boek Johannes staan nog meer verhalen die allemaal fysiek geïnterpreteerd werden, terwijl het de bedoeling was dat zij geestelijk geïnterpreteerd zouden worden. Hetzelfde geldt voor het verhaal van Jozua de Christus die met zijn discipelen praat over de stenen van de tempel waarvan niet één steen op de ander zou blijven. Dit verhaal was niet bedoeld om fysiek geïnterpreteerd te worden, maar wel geestelijk. En hoewel de fysieke tempel tijdens de eerste era van de Kerk door de Romeinen verwoest werd, toch verwees Christus niet naar dat voorval. Deze profetie ging over de Kerk in de toekomst – in de eindtijd.

De stenen van de tempel zijn geestelijk. Dit gaat over Gods eigen Kerk.

‘Zo bent u dan niet meer vreemdelingen en bijwoners, maar medeburgers van de heiligen en huisgenoten van God (een geestelijk tempel), gebouwd op het fundament van de apostelen en profeten, waarvan Jozua Christus zelf de hoeksteen is, en op wie het hele gebouw, goed samengevoegd, verrijst tot een heilige tempel in de Heere; op wie ook u mede gebouwd wordt tot een woning van God, in de Geest.’ (Efeziërs 2: 19-22)

Paulus legde hier uit dat diegenen die door God in zijn Kerk geroepen worden, beschreven worden als deel uitmakende van een geestelijke tempel – een heilige tempel in de Heere. De apostel Petrus beschrijft dit op eenzelfde manier.

‘En kom naar Hem toe als naar een levende steen, die wel door de mensen verworpen is, maar bij God uitverkoren en kostbaar, dan wordt u ook zelf, als levende stenen, gebouwd tot een geestelijk huis, tot een heilig priesterschap, om geestelijke offers te brengen, die God welgevallig zijn door Jozua Christus.’ (I Petrus 2: 4-5)

Leden van Gods Kerk worden beschreven als ‘levende stenen’ (geestelijk) die opgebouwd worden tot een geestelijk huis. Dat geestelijke huis is de tempel van God.

In deze ‘Olijfberg profetie’, waarin Christus uitlegt dat de stenen van de tempel afgebroken zouden worden, sprak hij over een toekomstige tijd voor de Kerk. Hij sprak op dezelfde manier toe hij tegen de Joden zei: ‘Breek deze tempel af, en in drie dagen zal ik hem laten herrijzen’. Bij die gelegenheid sprak hij over zichzelf en voorspelde hij zijn dood en zijn herrijzenis die zou plaatsvinden nadat hij zich drie dagen en drie nachten in graftombe bevonden zou hebben.

Nadat Christus aan de discipelen verteld had dat er in de tempel niet één steen op de andere zou blijven liggen, wilden zij meer weten over wat hij hen vertelde.

‘Toen Hij op de Olijfberg zat, gingen de discipelen naar Hem toe toen zij alleen waren, en zeiden: Zeg ons, wanneer zullen deze dingen gebeuren? En wat is het teken van Uw komst en van de voleinding van de wereld (Grieks – tijdperk)?’ (Mattheüs 24: 3)

Zie je duidelijk de context van deze profetie? Het gaat niet alleen om de Kerk, maar hier wordt ook duidelijk gemaakt wanneer deze gebeurtenissen zouden plaatsvinden. De discipelen vroegen Jozua naar de timing van de gebeurtenissen die te maken hebben met het afbreken van de stenen van de tempel. Uit hun vraag blijkt duidelijk dat zij wisten dat hij sprak over de tijd van zijn komst (in zijn Koninkrijk) aan het einde der tijden. Deze profetie gaat over de dingen die de Kerk in de eindtijd zouden overkomen, vlak voor de wederkomst van Jozua de Christus en de vestiging van zijn Koninkrijk.

Uit latere verslagen komt duidelijk naar voren dat de discipelen graag wilden weten wanneer het Koninkrijk van God gevestigd zou worden, maar zij hadden er geen idee van dat dit niet tijdens hun leven zou gebeuren. In plaats daarvan geloofden zij dat dit snel zou gaan gebeuren. Op dat moment begrepen zij nog steeds een aantal dingen niet die hij hen verteld had over het feit dat hij gedood ging worden. Ditzelfde verslag staat in het boek Markus net iets anders verwoord.

‘Zeg ons, wanneer zullen deze dingen gebeuren? En wat is het teken wanneer al deze dingen in vervulling zullen gaan?’ (Markus 13: 4)

Jozua vertelde zijn discipelen over de timing van zijn uiteindelijke komst als Koning der koningen in het Koninkrijk van God, en over het teken dat tot die tijd zou leiden. Het teken dat hij zou geven zou betrekking hebben op de Kerk – gebeurtenissen en tekens die zich in de Kerk zouden voordoen – niet tekens die in de wereld zouden gebeuren, wat uit het volgende vers duidelijk zou moeten blijken.

‘En dit Evangelie (goede nieuws) van het Koninkrijk zal in heel de wereld gepredikt worden tot een getuigenis voor alle volken; en dan zal het einde komen.’ (Mattheüs 24: 14)

In deze verslagen begon Christus meer aan hen te openbaren over alles wat in de loop der tijden in Gods Kerk vervuld zou worden. Vervolgens richtte hij zijn aandacht op de gebeurtenissen die rechtstreek tot de eindtijd zouden leiden. Daarbij openbaarde hij een heel specifieke gebeurtenis. De vervulling van deze gebeurtenis zou plaatsvinden in een tijdsgewricht, waarvan we eerder uitlegde dat het de tijd zou zijn dat de opdracht die God aan zijn apostel Herbert Armstrong gaf vervuld begon te worden. Dit werd volbracht door het enorme werk dat hij deed, waardoor het evangelie door middel van tijdschriften, radio en televisie wereldwijd verspreid werd.

Na de dood van Herbert Armstrong begon de laatste era van de Kerk, de Laodicea era. In de ‘Olijfberg profetie’ wordt nog meer gezegd over het teken van Christus’ komst, en dit kwam precies uit zoals hij gezegd had. De discipelen vroegen hem wat dat teken zou zijn, en hij antwoordde hen precies wat dat teken voor zijn komst zou zijn – wanneer de eindtijd aftelling zou beginnen.

‘Wanneer gij dan de gruwel van de verwoesting, waarover gesproken is door de profeet Daniël, zult zien staan op de heilige plaats – laat hij die het leest, daarop letten! – laten dan zij die in Judea zijn, vluchten naar de bergen.’ (Mattheüs 24: 15-16)

Christus sprak over een fysieke vervulling die bekend stond als de ‘gruwel der verwoesting’ die in 168 voor Christus plaatsvond toen Antiochus IV Epiphanes de tempel ontheiligde door een standbeeld van Zeus in de tempel op te richten en er een varken voor te laten offeren op het altaar.

Dit verslag in Daniel had een tweeledige profetische vervulling. De eerste vervulling was een fysieke vervulling in 168 voor Christus, maar Christus legde uit dat er ook nog een geestelijke vervulling zou volgen. Die vervulling zou tot stand komen wanneer er zich een ‘gruwel der verwoesting’ in Gods Kerk zou voordoen – in de geestelijke tempel.

Deze gebeurtenis zou zo vernietigend zijn voor Gods eigen volk (hier aangeduid als Juda – geestelijk Juda – de Kerk) dat zij gewaarschuwd werden dat zij dan de bergen in moesten vluchten. We zullen hier nog meer uitleg over geven, maar het gaat over een tijd waarin de Kerk verstrooid zou raken. Profetisch wordt het woord ‘bergen’ gebruikt als symbool voor regeringen. Dit gaat over een tijd van verstrooiing van Gods eigen Kerk, waarbij zelfs het georganiseerde bestuur van de Kerk (binnen de ministry) zelf verstrooid zou raken.

Er zijn veel groeperingen die kijken naar deze profetieën over het teken voor de komst van Christus, die geloven dat deze ‘gruwel der verwoesting’ iets is wat in Jeruzalem in het tempelberggebied moet gebeuren. Sommigen geloven dat dit vervuld kan worden als spoedig na het begin van de bouw van een nieuwe tempel deze ontheiligd wordt, zelfs als er op die locatie slechts een paar stenen geleverd en opgebouwd zouden worden. Sommigen geloven zelfs dat deze verzen vervuld kunnen worden wanneer er slechts een altaar op die locatie geplaatst wordt zodat daarop opnieuw een varken geofferd kan worden. Zulke ideeën zij te belachelijk en vergezocht om als realistische mogelijkheden te worden beschouwd.

De ‘Olijfberg profetie’ bevat inderdaad de sleutel waardoor je kan begrijpen dat de eerste vier Zegels over Gods eigen Kerk gaan, en over wat er zou gebeuren wanneer er zich eenmaal een ‘geestelijke gruwel der verwoesting’ in de Kerk zou voordoen – in de geestelijke tempel van God. De vervulling van deze Zegels gaat niet over een fysieke verdrukking die over de wereld zou komen, maar wel over een geestelijke verdrukking die over Gods Kerk zou komen.

Maar hoe is het mogelijk dat er zich in Gods eigen Kerk zoiets als een ‘gruwel der verwoesting’ kon voordoen? Als je begrijpt wat er zich in de Laodicea era afspeelde, dan zal dit je duidelijk worden.



De Apostase en de Gruwel der Verwoesting

Nog vele jaren na het begin van de Kerk in 31 na Christus bleven Gods mensen, en ook Zijn apostelen, uitkijken naar de wederkomst van Christus en de vestiging van Gods Koninkrijk op aarde. Zij wisten niet dat Christus ruim 1.900 jaar later pas zou terugkeren.

Bijna 20 jaar na het begin van de Kerk gaf Christus aan Paulus meer profetie over wat het teken van zijn komst zou zijn.

‘En wij vragen u dringend, broeders, met betrekking tot de komst van onze Heer Jozua Christus en onze vereniging met Hem, dat gij niet snel aan het wankelen wordt gebracht of verschrikt, niet door een uiting van de geest, niet door een woord, en ook niet door een brief die van ons afkomstig zou zijn, alsof de dag van Christus al aangebroken zou zijn. Laat niemand u op enigerlei wijze misleiden. Want die dag komt niet, tenzij eerst de afval (Grieks – apostasia) gekomen is en de mens der wetteloosheid, de zoon des verderfs, geopenbaard is.’ (2 Thessalonicenzen 2: 1-3)

De context van deze profetie van Paulus is heel duidelijk, omdat hij vier maal specifiek naar de timing van de vervulling ervan verwijst. Let op de vier volgende zinnen: 1. ‘de komst van onze Heer Jozua’ 2. ‘onze vereniging met Hem’ (de vereniging van de Kerk – de 144.000 – bij de komst van Christus) 3. ‘alsof de dag van Christus al aangebroken zou zijn’ 4. ‘Want die dag komt niet, tenzij’. Deze profetie gegeven door Paulus maakt duidelijk dat wat hij hen gaat vertellen over datgene gaat wat zij allen wilden weten. Wanneer keert Christus terug?

Paulus legt hier aan de Kerk uit dat er eerst een aantal heel specifieke gebeurtenissen in Gods Kerk moeten plaatsvinden, voordat de eindtijd kan beginnen – voordat de wederkomst van Christus kan plaatsvinden – voordat het Koninkrijk van God gevestigd kan worden (de tijd van ‘onze vereniging met hem’).

Deze waarschuwing aan de Kerk is dezelfde waarschuwing die Jozua de Christus in de ‘Olijfberg profetie’ gaf betreffende de timing van zijn komst en de vervulling van de eindtijd gebeurtenissen.

‘En Jezus antwoordde en zei tegen hen: Pas op dat niemand u misleidt. Want velen zullen komen onder mijn naam en zeggen: Ik ben de Christus; en zij zullen velen misleiden.’ (Mattheüs 24: 4-5)

Nogmaals, dit gaat over de Kerk en niet over de wereld. De wereld is altijd al misleid geweest aangaande de waarheid over God, omdat het nooit Zijn doel is geweest om Zijn wil en doel aan haar te openbaren. Tot aan de tijd van Christus openbaarde God Zijn waarheid slechts aan enkelingen, en daarna alleen aan de Kerk.

In dit vers wordt niet gezegd dat de wereld misleid gaat worden, want zij is dat altijd al geweest. De enigen die misleid kunnen worden zij diegenen aan wie God Zijn waarheid gegeven heeft. Deze waarschuwing werd aan Gods Kerk gegeven opdat zij de waarheid niet zou verliezen door misleid te worden.

Christus gaf een duidelijke waarschuwing dat een deel van het teken van zijn komst was dat velen ten tonele zouden verschijnen die zouden proberen de Kerk te misleiden. Wie kan er in naam van Jozua de Christus tot de Kerk komen? Alleen de ministry! Jozua zei dat er velen in zijn naam zouden komen, die zouden proberen om de Kerk te misleiden.

Voordat Jozua aan de paal gedood werd, geloofden velen die hem volgden dat hij de Messias (de Christus) was die door God gezonden was om de teugels van het bewind van de Romeinen over te nemen. Voor zijn dood wilden zij van hem weten wanneer hij dit ging doen. En ook na zijn dood en opstanding wilden zij dit nog steeds weten.

Nadat Paulus deze profetie over een Apostase aan de Kerk gestuurd had, volgden er vragen. Hoe kon er een Apostase of een ‘afval van de waarheid’ in Gods Kerk plaatsvinden? Hoe kon het zijn dat Gods mensen zo misleid zou worden dat er een gebeurtenis van zo’n omvang als een ‘Apostase’ in Gods eigen Kerk zou kunnen plaatsvinden? Paulus gaat in deze profetie verder met een overzicht te geven van de gebeurtenissen die zich zouden voordoen teneinde dit alles te vervullen.

Paulus verklaarde dat het eerste dat zou plaatsvinden voordat Christus zou terugkeren een Apostase was. Dit woord afgeleid van het Griekse woord ‘apostasia’ wordt op verschillende manieren vertaald. Enkel voorbeelden hiervan zijn: een afvalligheid, een Grote Apostase, een rebellie, een opstand. Dit zijn allemaal correcte definities voor de betekenis van dat Griekse woord.

Ten tweede verklaarde hij dat de ‘mens der wetteloosheid’ de ‘zoon des verderfs’ geopenbaard moest worden. Er is slechts één andere persoon waarnaar ooit in de Bijbel verwezen wordt als de ‘zoon des verderfs’. Dat was Judas Iskariot. Hij was een van de oorspronkelijke twaalf discipelen, degene die Jozua de Christus verraden heeft voor dertig zilverstukken.

De eerste Apostase die werd opgetekend betrof het engelenrijk, toen de aartsengel Lucifer verraad pleegde tegen God en een derde van de engelen in een rebellie tegen Hem leidde. Die aartsengel kwam bekend te staan als Satan. Hij was inderdaad de eerste ‘zoon des verderfs’, want in het engelenrijk worden de engelen ook als ‘zonen Gods’ aangeduid, omdat Hij hen ook schiep. Satan was ook de eerste ‘zoon der wetteloosheid’ – de eerste in heel de schepping van God die zondigde – de oorspronkelijke aanstichter tot zonde.

Paulus profetie beschrijft dus een ongelooflijk afgrijselijke daad, waaraan een enkele persoon zich schuldig zou maken in Gods eigen Kerk. Maar Paulus zegt nog meer over wat deze ‘zoon der wetteloosheid’ zou doen.

‘Laat niemand u op enigerlei wijze misleiden. Want die dag komt niet, tenzij eerst de afval (Grieks – apostasia) gekomen is en de mens van de wetteloosheid, de zoon van het verderf, geopenbaard is, de tegenstander, die zich ook verheft boven al wat God genoemd of als God vereerd wordt, zodat hij als God in de tempel van God gaat zitten en zichzelf als God voordoet (dit ’voordoen’ betekent in het Grieks ‘zich vertonen als, tentoonspreiden, openbaren’). (2 Thessalonicenzen 2: 3-4)

Als je weet dat deze profetie over Gods Kerk gaat, dan is het duidelijk dat er dus een erg vooraanstaand figuur in de Kerk zou opstaan, die in staat zou zijn om grote invloed op anderen in de Kerk uit te oefenen. Deze waarschuwing werd gegeven zodat men beducht zou zijn voor iedere persoon die zou trachten de Kerk te misleiden – om haar weg te leiden van de waarheid die God aan haar geopenbaard had.

Er staat hier geschreven dat deze man zich boven God zou verheffen. Dat is exact wat Satan in het engelenrijk deed. Het ging om de macht en de invloed die hij over de andere engelen wou hebben. Hij geloofde dat zijn ideeën en wegen beter waren dan die van God, en dus begon hij tegen Gods wegen in te werken om zijn eigen wegen in te kunnen voeren.

Er staat ook dat deze ‘mens der wetteloosheid’ zich tegen God zou verzetten. Nogmaals, dat is precies wat Satan in het engelenrijk deed. Hij was tegen God en Zijn wegen. Zijn naam betekent ‘tegenstander’, wat betekent dat hij tegen God was en Gods plan en doel tegenwerkte. De ‘mens der wetteloosheid, de zoon des verderfs’ zou op vergelijkbare wijze in Gods Kerk opstaan, en verraad plegen tegen God en Christus. Hij zou de tegenstander worden – hij zou tegen God en tegen Christus in werken.

Deze profetie van Paulus werd goed bekend onder de mensen in de Kerk, omdat zij wisten dat deze gebeurtenis eerst zou moeten plaatsvinden, voordat de tijd voor de wederkomst van Christus geopenbaard zou worden. Zij wisten dat er binnen de leiding van de Kerk een man zou opstaan die tegen Gods Kerk in zou beginnen te werken – tegen God en Christus.

De apostel Johannes refereerde later ook naar deze ‘mens der wetteloosheid’ en noemde hem de ‘Antichrist’. Hij gebruikte dit voorbeeld van de ‘mens der wetteloosheid’ om aan de Kerk te onderwijzen dat hoewel zij inderdaad gehoord hadden over een profetische ‘Antichrist’ die nog komen zou (verwijzend naar Paulus’ schrijven over de ‘mens der wetteloosheid’ – ‘de zoon des verderfs’), de waarschuwing was dat er reeds vele ‘antichristen’ actief waren in Gods Kerk. Zij wisten dat de ‘Antichrist’ nog moest komen. Maar tegen de tijd dat Johannes deze zaken schreef (verschillende decennia na Paulus’ waarschuwing over de ‘Antichrist’) waren er al individuen en ministers in Gods Kerk geweest die zich opwierpen en zich tegen Christus gekeerd hadden (anti-Christus werden) maar die niet de ‘Antichrist’ waren.

Door het gebruik van de omschrijving als ‘mens der wetteloosheid’ en ‘zoon des verderfs’ is het duidelijk dat deze persoon iemand zou zijn die God en Zijn Zoon Jozua zou verraden. Zijn zonde en zijn verraad zouden zo afgrijselijk zijn, dat dit omschreven wordt als dat hij zichzelf ‘voordoet’ of ‘vertoont’ als zijnde God. Die uitdrukking betekent dat het hier gaat om iemand die de mogelijkheid had om grote invloed uit te oefenen om zijn eigen wegen en onderwijs te verheffen (als een afgod) boven het onderricht dat God aan de Kerk gegeven had.

Dat is exact wat er uiteindelijk gebeurde in de laatste era van de Kerk – Laodicea. De profetie over een Apostase die uiteindelijk in de Kerk zou plaatsvinden, zou de gebeurtenis zijn die het signaal was voor het begin van de aftelling naar de komst van Christus – dat zijn wederkomst nu op handen was.

Tijdens die laatste era van de Kerk, veroorzaakte het verraad van de ‘zoon des verderfs’ die zich tegen God en Christus keerde de ‘Apostase’ die in Gods Kerk om zich heen greep. Zijn daden vormden de geestelijke vervulling van de ‘Gruwel der Verwoesting’ waarvan Christus in de ‘Olijfberg profetie’ sprak. De eerste ‘gruwel’ ging over grote verwoesting en ontheiliging van de fysieke tempel van God door Antiochus IV Epiphanes in 168 voor Christus. De tweede ‘gruwel’ ging over grote verwoesting en ontheiliging van de geestelijke tempel – de Kerk van God – toen de ‘Apostase’ plaatsvond.



De opkomst van de ‘mens de wetteloosheid’

Tijdens de Filadelfia era van de Kerk werd stelde God Herbert Armstrong als Zijn apostel aan. Zijn opdracht was om datgene te vervullen wat Christus gezegd had dat er vlak voor het begin van de eindtijd zou gebeuren. Die opdracht was om het evangelie aan de hele wereld te verkondigen. Dit werd gedaan door de massale verspreiding van brochures en de uitgave van boeken in miljoenen oplage. Maandelijks werden meer ook dan acht miljoen exemplaren van het tijdschrift ‘The Plain Truth’ (‘De Echte Waarheid’) in verschillende talen gedrukt en over de hele wereld verspreid. Dit werk bestond ook uit een ongeëvenaarde wereldwijde dekking van zijn programma ‘The World Tomorrow’ (‘De Wereld van Morgen’) door middel van radio en televisie.

Toen Herbert Armstrong de leeftijd van 80 jaar bereikte begon zijn gezondheid af te nemen, en daarop begon de typische fysieke menselijke natuur zijn kop op te steken onder sommigen van de ministry in het hoofdkwartier van de Kerk. Er waren ministers die zich hoog boven anderen verheven voelden vol van eigendunk, die macht en autoriteit genoten over verschillende werkingen en gemeenten van de Kerk. Zij zagen Herbert Armstrong als oud en verzwakt en begonnen te kijken wie hem zou kunnen vervangen. Hier waren verschillende evangelisten en zelfs zijn eigen zoon Garner Ted Armstrong bij betrokken.

Midden de jaren 70 begon er zich een verkeerde geest in het leven van veel te veel ministers binnen te dringen, die begonnen te ijveren voor hogere posities, macht en erkenning en werkten aan het veranderen van de doctrines van de Kerk. Dat was het begin van datgene waar Christus ernstige profetische waarschuwing voor gegeven had over de ministry in de eindtijd. Hij zei: ‘velen zullen komen in mijn naam, en zij zullen velen misleiden’. Dit is iets wat alleen maar in Gods Kerk kon gebeuren en het moest vanuit de ministry komen, omdat zij de enigen zijn die met gezag in naam van Christus kunnen optreden. Dit ging niet over een misleiding in de wereld van diegenen die al misleid zijn.

Een aantal van deze ministers, waaronder ook evangelisten, moesten uit hun ambt ontheven en uit de Kerk gezet worden, omdat zij zich toen al tegen de waarheden die God en Christus aan Herbert Armstrong gegeven hadden begonnen te keren. Dit was de opkomst van vele ‘anti christenen’, maar nog niet van de Antichrist. Gedurende die periode van onrust en beroering volgden vele duizenden mensen een aantal van deze ministers Gods Kerk uit.

Tijdens het laatste decennium van zijn leven kreeg Herbert Armstrong te maken met veel conflicten binnen de Kerk, die vooral van de ministry afkomstig waren. Niet alleen kwamen deze conflicten voort uit de ministry, maar de allerergste daarvan waren afkomstig uit diegenen die rechtstreeks onder hem stonden in autoriteit. Dit waren diegenen die in de loop der jaren tot evangelist geordineerd waren, de meeste van hen studenten die persoonlijk door hem onderwezen waren toen Ambassador College (een College van de Kerk) pas opgericht was.

Er begon een onderhuidse machtsstrijd in de Kerk naarmate het steeds duidelijker werd dat Herbert Armstrong hoogstwaarschijnlijk nog voor de wederkomst van Christus zou sterven, en dat er dus iemand zijn plaats zou innemen als degene die Gods Kerk zou leiden. Het is haast onvoorstelbaar dat zoiets in Gods eigen Kerk zou kon gebeuren. Maar dit openbaart de geestelijke toestand waartoe velen in de Kerk begonnen te vervallen – de geest van Laodicea.

Het kwam uiteindelijk zover dat Herbert Armstrong het gevoel had dat hij de Kerk niet volledig aan een van de geordineerde evangelisten met een lange staat van dienst kon toevertrouwen, laat staan dat hij hen een aantal van de belangrijkste posities binnen de Kerkorganisatie kon toevertrouwen. Op een gegeven moment bracht hij zelfs een minister van buiten het hoofdkwartier naar de Kerk in Pasadena in Californië, waar de organisatie van de Wereldwijde Kerk van God gevestigd was. Die man was Leroy Neff, de ‘pastor’ (plaatselijke verantwoordelijke minister) van de Kerk in Houston,Texas. Deze man had zichzelf bewezen als een loyale minister en was volledig betrouwbaar, en daarom werd hij door Herbert Armstrong als Penningmeester van de Kerk aangesteld, omdat hij het gevoel had dat hij deze taak aan geen enkele van de evangelisten kon toevertrouwen.

Zelfs toen het zover gekomen was dat Herbert Armstrong geloofde dat zijn einde naderde, had hij niet het gevoel dat hij zijn verantwoordelijkheden kon doorgeven aan een van de evangelisten, die onder hem de hoogste rang binnen het bestuur van de Kerk hadden. In plaats daarvan gaf hij die verantwoordelijkheid door aan een man die al lange tijd als elder in de plaatselijke gemeente diende.

Deze man zijn staat van dienst werd door Herbert Armstrong opgemerkt, en hij stelde hem aan in het bestuur van de Kerk. Voordien had deze man dus enkel als plaatselijk elder gediend in de plaatselijke gemeente van de Kerk in Pasadena. Die elder was Joseph Tkach sr., en hij werd door Herbert Armstrong aangesteld over hele ministry van de Kerk wereldwijd, omdat hij geloofde dat hij die taak aan geen van de evangelisten kon toevertrouwen.

God begon Satan toe te staan om binnen het hoofdkwartier wantrouwen, argwaan, jaloezie, machtswellust en zelfs doctrinaire verdeeldheid te zaaien. De Kerk werd geestelijk zwakker en stevende rechtstreeks af op wat de Laodicea Era zou worden, omdat mensen steeds hoogmoediger werden en steeds meer op zichzelf gingen vertrouwen in plaats van op God. De Kerk was rijp voor een ‘Apostase’. In haar bijna 1.950 jarige geschiedenis was nog nooit zoiets als dit gebeurd.

Tegen het einde van zijn leven overlegde Herbert Armstrong hoofdzakelijk nog met Joseph Tkach sr., omdat hij door zijn slechte gezondheid aan het bed gekluisterd was. Naarmate zijn gezondheid verslechterde werden meer en meer administratieve taken van de Kerk door Joseph Tkach sr. overgenomen. Er werd aan de kerk verteld dat Herbert Armstrong toen hij zijn einde voelde naderen, de volledige verantwoordelijkheid van de leiding over de Kerk aan Joseph Tkach sr. overdroeg.

En uiteindelijk, toen Herbert Armstrong in Januari 1986 stierf, was de tijd aangebroken voor de Kerk voor de overgang van de ene era naar de andere. Op het tijdstip van zijn dood eindigde de Filadelfia Era en begon de Laodicea Era – de laatste profetische era.

Joseph Tkach sr. bevond zich nu in de positie dat hij de volledige leiding over Gods Kerk in handen had. In het begin leek het erop dat hij zich getrouw hield aan Herbert Armstrong’s vroegere leiderschap en onderricht. In alles leek het erop dat hij in volle getrouwheid handelde en zo de waarheden die God door Herbert Armstrong aan de Kerk gegeven had in stand hield.

Maar tegen het einde van de jaren 80 en het begin van de jaren 90, begon dit te veranderen. Het begon met het aanbrengen van een aantal administratieve veranderingen die in eerste instantie onschuldig leken, maar dat was niet het geval.

In de eerste jaren van zijn leiderschap begon Joseph Tkach sr. langzaam maar zeker zichzelf en het belang van zij positie in de Kerk te verheffen, waarbij hij zich omringde met veel van de jongere ministers, terwijl hij terzelfder tijd de rol van diegenen die onder Herbert Armstrong grotere verantwoordelijkheden gedragen hadden probeerde te verminderen.

Een nieuwe hooghartige houding maakte zich meester van de Kerk, vanwege diegenen die door Joseph Tkach sr. in leiderschapsposities aangesteld waren, waaronder ook zijn zoon. Het was een houding van eigendunk, geestelijke arrogantie en hoogmoed, en van geestelijk ‘rijk en verrijkt’ zijn. Dit ging gepaard aan de reeds verzwakte toestand van de Kerk, een toestand van geestelijke lauwheid en gemakzucht waar Christus voor gewaarschuwd had dat dit zou komen te gebeuren in de laatst era van de Kerk – Laodicea. De combinatie van al deze elementen bleek rampzalig te zijn voor de Kerk.

In Paulus’ profetie over een Apostase staat geschreven dat de ‘mens der wetteloosheid’, de ‘zoon des verderfs’ in de tempel van God zou zitten, en zich als God zou voordoen. Dit deel van Paulus’ profetie is erg veelzeggend. Deze tempel van God waarvan hier sprake is gaat niet over de fysieke tempel in Jeruzalem die verwoest werd. Velen die proberen om deze verzen uit te leggen maken hierbij grote fouten omdat zij deze gebeurtenissen proberen te verbinden met die fysieke tempel. Maar in andere geschriften is Paulus heel duidelijk wanneer hij over de tempel spreekt, omdat hij in die context spreekt van de geestelijke tempel van God – de Kerk.

Dit woord ‘zitten’ openbaart nog meer over deze persoon die in de tempel – in de Kerk – zou zijn. Het gaat hier niet om iets fysieks, over iemand die zomaar ergens in een gebouw zit, het gaat om iets geestelijks betreffende de geestelijke tempel – Gods Kerk.

Niemand kan in deze tempel van God zijn tenzij zij deel uitmaken van de Kerk van God. Maar deze beschrijving behelst nog veel meer. In deze context gaat dit over iemand met autoriteit die in de Kerk gezet(en) is en gezag draagt. In zo’n context betekent dit woord in het Grieks letterlijk ‘doen zitten’ in de betekenis van ‘aanstellen, benoemen of het overdragen van een koninkrijk aan iemand’.

Hieronder staan een paar voorbeelden hiervan uit de Bijbel:

‘Wie overwint, hem zal Ik geven met Mij te zitten op mijn troon, gelijk ook Ik heb overwonnen en gezeten ben met mijn Vader op zijn troon.’ (Openbaring 3: 21)

‘En Jozua zei tegen hen: Voorwaar, Ik zeg u dat gij die Mij gevolgd zijt, in de wedergeboorte, als de Zoon des mensen zal zitten op de troon van Zijn heerlijkheid, ook zult zitten op twaalf tronen en de twaalf stammen van Israël zult oordelen.’ (Mattheüs 19: 28)

Tegen het einde van zijn leven verklaarde Herbert Armstrong dat het hem nooit duidelijk was gemaakt wie de Kerk moest leiden wanneer hij zou overlijden, maar zoals reeds eerder gezegd, uiteindelijk droeg hij alle verantwoordelijkheid voor het leiderschap van de Kerk aan Joseph Tkach sr. over. Slechts één man werd in de eindtijd aangesteld gezet – om groot gezag in de Kerk van God te hebben, maar hij was nooit een apostel van God.

Het verraad van de ‘zoon des verderfs’ veroorzaakte de Apostase in Gods Kerk. Zijn daden werden de geestelijke vervulling van de ‘Gruwel der Verwoesting’ waar Christus van sprak in de ‘Olijfberg Profetie’.



De daadwerkelijke gebeurtenis: de Apostase

Joseph Tkach sr. begon dus met jonge onervaren mannen in belangrijke functies binnen het dagelijkse bestuur van de Kerk aan te stellen. Dit waren geen ministers met een lange staat van dienst, maar hoofdzakelijk nieuwkomers. Zo werd een grote groep van ministers samengesteld die onderling met elkaar overeenstemden, en een mentaliteit hadden die zich verzette tegen het verleden.

Deze groep groeide uit tot een soort van geheime fraterniteit die vastbesloten was om de Kerk meer ‘mainstream’ (meer toegankelijk voor het grote publiek) te maken, dichter aanleunend bij de kerken van het traditionele Christendom. Deze mannen hadden een hekel aan Herbert Armstrong en zijn onderwijs, en zij begonnen de Kerk in een heel andere richting te sturen. Veel van hun werk ‘achter de schermen’ kwam pas in 1995 aan het licht.

Maar begin 1992 waren er velen met een langere staat van dienst in de leiding van de Kerk die zich bewust van werden dat er grote veranderingen in de doctrines gepland werden, die in de Kerk geïntroduceerd zouden worden. Deze mannen ondernamen echter geen stappen om de Kerk of de ministry te waarschuwen voor die samenzwering in het hoofdkwartier van de Kerk. Zij ondernamen geen stappen om zich te verzetten tegen wat er aan het gebeuren was.

In de daaropvolgende twee jaar waren er een aantal individuen die samenzwoeren hoe zij de Kerk konden wegleiden van de waarheid die God haar door Herbert Armstrong gegeven had. Zij probeerden de herinnering aan Herbert Armstrong uit te wissen, en uiteindelijk brachten zij een beweging op gang om al zijn boeken en literatuur, die nog in grote hoeveelheden in het hoofdkwartier van de Kerk voorradig waren, te vernietigen. Want zij hadden plannen gemaakt om de literatuur te veranderen, en daarin de grote doctrinaire veranderingen op te nemen die de Kerk doctrinair meer zouden doen aansluiten bij de kerken van het traditionele Christendom. Joseph Tkach sr. en zijn zoon Joseph Tkach jr. stonden aan het hoofd van deze samenzwering om de doctrines van Gods ware Kerk te veranderen en de Kerk zodoende tot een vals Christendom te leiden.

Hoewel deze heimelijke groep ministers met hun complot om Gods Kerk ten val te brengen reeds alle literatuur voorbereid had om deze veranderingen te introduceren, toch werden zij verrast toen hun plannen voortijdig aan het licht kwamen, doordat Joseph Tkach sr. op het laatste moment een preek die hij in Atlanta, Georgia, zou geven veranderde. Tijdens zijn bezoek aan de verschillende gemeenten in Atlanta, werd Joseph Tach sr. geconfronteerd met de problemen en de geruchten die de ronde deden over deze veranderingen. Hij moest hierin een beslissing nemen, en hij voelde aan dat hij hier tijdens dit bezoek nog iets aan moest doen.

Dit werd pas later bekend, maar hij had voor die dag een heel andere preek voorbereid dan degene die hij uiteindelijk in Atlanta gaf. Er kwamen een aantal zaken sneller op gang dan deze groep samenzweerders gepland had, en Joseph Tkach sr. voelde zich gedwongen om op die dag, op 17 December 1994, een totaal andere preek te geven.

In die preek (die later wereldwijd naar alle kerken uitgezonden werd) begon Joseph Tkach sr. Gods Kerk op de hoogte te brengen dat alle belangrijke doctrines veranderd werden. Behalve in Atlanta gaf hij nog twee preken over ditzelfde onderwerp op twee andere locaties tijdens de daaropvolgende wekelijkse Sabbatten. Alle drie deze preken bevatten grotendeels dezelfde boodschap over die grote doctrinaire veranderingen.

In die preek in Atlanta, verkondigde hij dat het een kwestie van persoonlijke keuze is wanneer je de 7de dag Sabbat houd. Je kon deze houden op de zevende dag van de week (Zaterdag) zoals iedereen dat gewend was, of op de volgende dag, de eerste dag van de week (Zondag), zoals het traditionele Christendom dat doet. Het werd niet langer gezien als een gebod voorgeschreven door God.

Bovendien werden Gods jaarlijkse Heilige Dagen op dezelfde manier behandeld en werd aan de Kerk gezegd dat zij niet echt geboden waren om deze te houden, maar dat het grootste deel van de Kerk dit wel zou blijven doen, maar dan meer uit traditie en niet omdat dit geboden is. Ook waren Kerstmis en Pasen niet langer verboden zoals in het verleden. Er werden nog tal van andere veranderingen verkondigd, tot en met de uitspraak dat Gods wetten over wat onrein is voor de mensheid om te eten niet langer golden.

Het is onnodig te zeggen dat die preek de belichaming was van een grote Apostase! Hier had je een man die gezien werd als gezeten in autoriteit over Gods Kerk op aarde, die zichzelf nu in Gods plaats gezet had doordat hij Gods wetten begon te veranderen.

Alles wat Paulus over de ‘mens der wetteloosheid’, de ‘zoon des verderfs’ gezegd had was toen uitgekomen: ‘Die zich tegenstelt, en zich verheft boven al wat God genaamd is, of als God geëerd wordt, zo dat hij in de tempel Gods als een God zal zitten, zichzelf vertonende (openbarende), dat hij God is.’ (II Thessalonicenzen 2:4). God verandert Zijn weg en Zijn waarheid niet, maar Joseph Tkach sr. geloofde dat hij dat wel kon.

Nooit in de menselijke geschiedenis is er ook maar één religieuze instelling geweest die moest meemaken dat iemand vanuit haar eigen rangen opstond, om in één moment alle grote doctrines en leerstellingen van die organisatie te veranderen. Maar Gods eigen Kerk maakte dit wel mee, precies zoals God voorspeld had dat dit in de eindtijd zou komen te gebeuren.



De Zegels begonnen geopend te worden.

Er zijn mensen in de wereld die wachten op de tijd dat het Eerste Zegel van Openbaring geopend zal worden, omdat zij dan zullen weten dat Christus op komst is. Er zijn er die geloven dat wanneer het Eerste Zegel geopend wordt de verdrukking begint, en dat Christus’ komst drie en een half jaar later zal plaatsvinden. Maar deze mensen zullen totaal verrast worden, omdat de eerste vier Zegels niet over een fysieke verdrukking op aarde gaan, maar wel over een geestelijke verdrukking die reeds in Gods Kerk heeft plaatsgevonden.

Op 17 December 1994 werd het Eerste Zegel geopend, toe Joseph Tkach sr. die bewuste preek gaf in Atlanta, Georgia. Dat was het begin van de Apostase. Het was het begin van grote verdrukking binnen Gods eigen Kerk. En het was het begin van een profetische aftelling naar de tweede komst van Jozua de Christus.

‘En ik zag hoe het Lam het eerste van de zegels opende en ik hoorde een van de vier dieren met een stem als van een donderslag zeggen: Kom en zie! En ik zag en zie, een wit paard, en Hij Die erop zat, had een boog. En Hem was een kroon gegeven en Hij trok uit, overwinnend en om te overwinnen.’ (Openbaring 6: 1-2)

Dit gaat over de ene die het oppergezag kreeg (een kroon gegeven werd) in de tempel van God. Dit profetische beeld wat hier geschetst wordt gaat over de ene die zijn macht gebruikte om oorlog te voeren teneinde Gods Kerk te veroveren en omver te werpen - Gods Kerk te ontheiligen en te vernietigen – en zo de ‘gruwel der verwoesting’ in de tempel van God te begaan.

De volgende drie Zegels die geopend werden waren gewoonweg het resultaat – het gevolg – van het eerste.

‘En een ander paard, dat rood was, trok uit, en aan hem die erop zat, werd macht gegeven de vrede van de aarde weg te nemen, en te maken dat men elkaar zou afslachten. En hem werd een groot zwaard gegeven.’ (Openbaring 6: 4)

Toen Joseph Tkach sr. eenmaal zijn heiligschennende preek gegeven had in Atlanta, werden de sluisdeuren opengezet voor een vrije stroom van doctrinaire perversie en wijdverspreide persoonlijke interpretaties van Gods woord op basis van menselijke redeneringen onder demonische invloed. Overal waar Gods Kerk zich bevond, werd de vrede op aarde weggenomen.

De groeiende onrust die zich in het voorgaande decennium had opgebouwd vanwege de doctrinaire oorlog en de gevechten onder de kerkleden en in de ministry, die zich steeds meer overgaven aan de verdraaiingen van de doctrines, werd bijna van de ene op de andere dag als een vloedgolf over de Kerk ontketend. Ministers en kerkleden begonnen allemaal partij te kiezen en er braken overal gevechten over doctrinaire verschillen uit.

De opening van dit Tweede Zegel volgde meteen op de opening van het eerste. Bijna driekwart van de ministry zwichtte voor deze nieuwe doctrines. Zij keerden zich tot deze nieuwe geintroduceerde valse wegen, en keerden zich af van de waarheid. Veel ministers adopteerden de nieuwe doctrines van Jospeh Tkach sr. volledig, terwijl anderen er slechts een deel van adopteerden. Maar hoe dan ook bewoog de hele Kerk zich onherroepelijk in de richting van valse doctrines in een valse religie.

Doordat er zoveel valse ministers ten tonele verschenen vond er een veel snellere verspreiding van valse doctrines en onderwijs plaats. Deze ministers hanteerden niet langer het zwaard van Gods woord in de geest en in de waarheid, maar een vals zwaard dat diende om waarheid weg te nemen en geestelijke levens te vernietigen.

Doordat Gods vrede hierdoor aan de Kerk ontnomen werd, brak er voor de kerkleden de ergste tijd van geestelijke oorlog aan die de Kerk ooit beleefd had sinds haar begin op het Pinksteren van 31 na Christus. Vele duizenden kerkleden begonnen hun geestelijke levens te verliezen, doordat men elkaar geestelijk begon te doden. Het zwaard van de valse ministers was valse doctrine, en daaruit vloeide grote verwoesting en geestelijke moord voort.

‘En toen het Lam het derde zegel geopend had, hoorde ik het derde dier zeggen: Kom en zie! En ik zag, en zie, een zwart paard, en hij die erop zat, had een weegschaal in zijn hand. En ik hoorde te midden van de vier dieren een stem zeggen: Een maat tarwe voor een penning en drie maten gerst voor een penning. En breng de olie en de wijn geen schade toe.’ (Openbaring 6: 5-6)

De meeste mensen die dit lezen begrijpen dat deze twee verzen naar hongersnood verwijzen. De Kerk heeft altijd geweten dat dit ging over een hongersnood die over de wereld zou komen in de eindtijd, maar dit werd enkel als een fysieke hongersnood gezien. Zo’n tijd van fysieke hongersnood zal zeker over de wereld komen, maar hier gaat het over de Kerk en de geestelijke hongersnood die op de Apostase volgde.

Dit vervulde effectief een profetie uit het Oude Testament die in de eindtijd zou plaatsvinden: ‘Zie, er komen dagen, spreekt de Heere HEERE, dat Ik honger in het land zal zenden; geen honger naar brood, geen dorst naar water, maar om de woorden van de HEERE te horen’ (Amos 8: 11).

Naarmate de valse ministers en de valse doctrines in kracht toenamen, werden de kerkleden steeds zwakker en vielen ten prooi aan een groeiende geestelijke hongersnood. De waarheid van God – het Woord van God dat de kerkleden broodnodig hadden om te kunnen eten en verteren teneinde geestelijk gevoed te worden werd steeds schaarser. Er brak inderdaad een tijd van grote geestelijke hongersnood aan voor Gods mensen.

De Apostase resulteerde in wijdverspreide verwoesting en ontheiliging van Gods Tempel. De verwoesting die volgde komt overeen met een profetie in Ezechiël 5 die hierover gaat, want daar wordt beschreven hoe de gevolgen van die verwoesting in drie specifieke fases opgedeeld werden.

Van zodra de Apostase plaatsvond keerde een derde van de Kerk zich meteen af van alle waarheid die zij ooit ontvangen hadden. Zij keerden volledig terug naar dat valse Christendom waar God hen uit verlost had, toen Hij voor het eerst hun geest opende om Zijn waarheid te kunnen zien en begrijpen.

In de loop van de daaropvolgende maanden gaf nog een derde van de Kerk van vertwijfeling gewoonweg op, en zwoer alle geloof af. Zij konden niet begrijpen hoe en waarom dit kon gebeuren in Gods Kerk. Zij hadden hier geen antwoord op en verloren alle hoop; zij hadden niets meer om voor te vechten.

En dan was er nog een laatste derde dat probeerde vast te houden aan een of andere vorm van datgene wat zij geloofd hadden toen God voor het eerst hun geest geopend had voor de waarheid. Tegen de tijd dat de Apostase begon was de Kerk geestelijk al heel zwak geworden, en dat was precies waarvoor zij gewaarschuwd was aangaande de laatste era Laodicea. Er stond geprofeteerde dat dit een Kerk zou zijn die geestelijk lauw was, die af zou glijden in een geestelijke slaap, in plaats van alert en waakzaam te zijn zoals Christus haar opgedragen had.

God zei dat Hij haar uit Zijn mond zou spuwen vanwege die zwakke en lauwe geestelijke toestand, wat betekent dat zij volledig van Hem verwijderd zou worden – afgesneden van het ontvangen van Zijn genade en Zijn heilige geest. En dat is precies wat er gebeurde met dit verzwakte geestelijke lichaam. God voegde daar nog aan toe dat Hij in de eindtijd slechts een klein overblijfsel van Zijn mensen zou bevrijden uit die Kerk die Hij zou toelaten om verstrooid te raken.

Dit laatste derde van de Kerk raakte verstrooid door de grote verwarring die als gevolg van de Apostase in de Kerk ontstaan was. Veel van deze mensen wilden vasthouden aan de doctrines en waarheden die zij van God ontvangen hadden, toen Hij hen voor het eerst riep. Er ontstonden verschillende splinter-organisaties die probeerden om terug op te bouwen wat er in het verleden bestaan had. De verwarring werd nog groter omdat de erg verzwakte kerkleden voor zichzelf moesten beslissen bij welke organisatie zij zich zouden aansluiten. En er waren grote meningsverschillen tussen de verschillende groeperingen wat betreft zaken zoals de kerkstructuur, de leiding en de doctrines.

Er was geen enkele groep die er duidelijk bovenuit stak als de absolute voortzetting van Gods Kerk – waar God duidelijk aan het werken was. Binnen luttele maanden vormden er zich meer dan 600 verschillende organisaties, die allemaal geloofden dat zij de rechtmatige voortzetting waren van Gods ware Kerk.

Over deze laatste Kerk era werd geprofeteerd dat het een geestelijk lauwe era zou zijn, die tegelijkertijd uitermate hoogmoedig zou zijn, vervuld van vertrouwen op zichzelf, zelfrechtvaardiging en van het geloof in haar ‘eigen gelijk’ boven dat van anderen. Elk van deze vele organisaties was doordrenkt van deze houding, en elk van deze organisaties geloofde dat zij gelijk hadden.

Maar God stelt duidelijk dat Zijn Kerk één lichaam is – één Kerk – die eensgezind is in haar geloof, de waarheid en de geest. Alleen God kan openbaren wat waar is. Door middel van die waarheid openbaart Hij waar Zijn Kerk is voortgezet, in de vorm van een klein overblijfsel van een heel groot verstrooid lichaam van de voormalige fysieke organisatie de ‘Wereldwijde Kerk van God’.